De bestaansangst

Basisangsten:

 1.  de angst voor het bestaan

2.   de verlatingsangst

3. angst voor schuld en straf

4. de angst om niet goed genoeg te zijn   

Een mens lijdt het meest door het lijden dat hij vreest

en dat hem nimmer wordt aangedaan

De bestaansangst

 Angst begint meteen bij de geboor­te. Als we net uit de baarmoeder komen en compleet hulpeloos, kwetsbaar en afhanke­lijk zijn, wordt van ons ge­vraagd vertrou­wen in de wereld te hebben en 'ja' tegen het leven te zeggen door zelf adem te halen. Een kwestie van leven of dood.

De  vraag is hoe we welkom worden geheten. Ligt de rode loper uit, wordt er met spanning en liefde op onze komst gewacht of zijn we ongewenst? De eerste angst, de bestaansangst is geboren. Wat we nodig hebben om vertrouwen te krijgen is in de eerste plaats een moederfiguur - kan ook een man zijn - die op regelmatige tijden komt om ons te voe­den, te verschonen, te warmen, te koesteren, kortom een moeder die maakt dat we ons thuis voelen op aarde.

 Theorie is ‘leuk’. Ik kan me er van alles bij voorstellen, maar hoe gaat dat dan in de praktijk, vroeg ik me af. Schrijven is voor een manier om te onderzoeken. Door te schrijven zet je een proces in gang dat verder gaat dan het benoemen van feiten. Door diep genoeg in je eigen leven te graven kom je bij de essentie van je bestaan en van mens zijn. Wat zijn de verhalen over je geboorte? 

 

De verlatingsangst

 De tweede angst die ons leven kan beheersen is de angst om verlaten te worden.  Als we ontdekken dat onze ‘moeder’ de bron is, die in onze behoeften voorziet, worden we bang om haar kwijt te raken.  Zonder haar hebben we geen kans om te overleven. Zonder haar is ons leven leeg. Zonder haar krijgen we geen eten, geen warmte, geen koestering, geen schone luier, geen aandacht, worden we niet gekoesterd en vastgehouden. De vraag hoe je haar aan je kunt binden kan je babyleven geheel gaan beheersen.  En het rare is dat een moeder die je verwent door er altijd voor je te zijn, je zelfs nog banger kan maken. Als je verwend wordt,  leer je niet om stapje voor stapje op je eigen kracht te gaan vertrouwen. Juist in de wieg zijn periodes dat je geconfronteerd wordt met de existentiële eenzaamheid van je bestaan.    

 

De angst voor schuld en straf

Als je groter wordt en je wel moet bevrijden uit de nauwe band met je moeder, gaat de angst voor schuld en straf spelen. Je leert lopen en praten, je krijgt een eigen wil, die lijnrecht tegen die van je vader en moeder in kan gaan. Je ouders worden boos en maken je duidelijk dat er zowel geboden als verboden zijn. En zo ontstaat deze  nieuwe angst, die gaat over het niet goed genoeg doen. Je boft als je ouders hebt die grenzen stellen, waarover te praten valt en die je duidelijk maken dat zelfs een kind niet zonder discipline en afspraken kan  leven. Maar als je groot wordt gebracht door ouders die zich star en autoritair gedragen, je hard straffen zonder een kusje toe, heb je kans dat je zo bang voor straf wordt, dat je nauwelijks risico's durft te nemen en later grote moeite hebt om op eigen benen te gaan staan en zelfstandig beslissingen te nemen. Betekent dit dat je je handen dicht mag knijpen als je bent grootgebracht door  anti autoritaire ouders? Voordeel is wel dat je de angst voor schuld en straf mist, maar een oplossing brengt het niet. In volledige vrijheid opgevoed worden, wil zeggen dat je niet opge­voed wordt, waardoor je je eigen grenzen en moge­lijkheden niet kent en toch onzeker en bang wordt.

 

De angst om niet goed genoeg te zijn

Als je wat losser van je ouders bent en zelf­standiger begint te worden, ga je ontdekken dat er jongens en meisjes zijn, grote en kleine kinderen, knappe en domme, rijke en arme, sterke en zwakke en je ontdekt dat dit strijd oplevert: wie is de beste? De angst die zich nu aandient,  is de angst om niet goed genoeg te zijn zoals je bent. Had je niet een meisje moeten zijn als je een jongen bent, groot als je klein bent, krullen moeten hebben als je haar steil is, sterk moeten zijn als je een zacht karakter hebt, mooi als je lelijk bent, intelligent in plaats van dom, gekleurd als je wit bent? Houden je vader en moeder, opa en oma, ooms en tantes wel van je nu je niet aan hun volmaakte beeld blijkt te voldoen? Wat betekent het eigenlijk om een jongen of een meisje te zijn? Wie doet het je voor of wie kan het je vertellen? Wat we nodig hebben  zijn modelvoorbeelden met wie we ons kunnen identificeren. Daarom hebben we idolen en kijken we op naar onze ouders, maar helaas blijken idolen en ouders vaak helden te zijn die na verloop van tijd van hun voetstuk vallen

 

Accepteren van de angst

Vaak leven we zonder het te beseffen met angsten die stammen uit onze kinderjaren. Juist omdat we niet bang mochten zijn, hebben we onze angsten onderdrukt, waardoor we de werkelijkheid niet zien en onze omgeving bedreigend kan zijn, zonder dat we weten waarom. Alleen door ons hiervan bewust te worden, kunnen we uit onze angsten stappen en een vrijer leven gaan leiden. Het is waar dat in het accepte­ren van de angst, het heil verborgen ligt. Niet door te denken dat we moeten leren om met de angst te leven, maar door te  beseffen dat we de keus hebben om de angst al of niet in de ogen te kijken en te onderzoeken of hij reëel is. Wat mij heeft geholpen is te weten dat het leven ons niet alleen met angsten  opzadelt, maar ons ook de mogelijkheid biedt op een natuurlijke manier te groeien en onze angsten te overwinnen. Ik heb geleerd dat er wel vier voorwaarden  bijhoren, waar we aan moeten voldoen. Voor mij maakt dat het leven wat overzichtelijker, maar ik wil hiermee niet zeggen dat dit de enige weg naar bevrijding is.

 

Eisen die het leven stelt

Om de bestaansangst het hoofd te bieden wordt van ons gevraagd 'ja'  tegen het bestaan te zeggen en vertrouwen in de wereld en de mensen om ons heen hebben.

Bij de verlatings- of scheidingsangst hoort de uitdaging om een zelfstandig individu te worden. Om - iedere keer weer - de ‘navelstreng’ door te knippen en op eigen benen te gaan staan.

De angst voor schuld en straf dwingt ons als het ware om autonoom en mondig te worden. Om risico's te durven nemen, verantwoordelijkheid te dragen en zelfstandig je keuzes te bepalen.  

Bij de angst om niet goed genoeg te zijn hoort de opdracht om te worden wie je bent. Ieder mens heeft maar één ingeboren doel in zijn leven: zichzelf verwezenlijken zoals hij werkelijk is.  Net als een  roos alleen een roos en geen madeliefje kan worden, kan ook een mens alleen die man of die vrouw worden wie hij of zij is. Het betekent dat we uit het beeld moeten stappen van de persoon die we dachten dat we waren of moesten worden en zeggen: ik ben ik en ik ben wie ik ben, of ik daar blij mee ben of niet.